aaprijdtkever.nl is een project van Jeroen; schrijver (dd,hn).
verhalenverteller (kleine fictie). gangkastpoëet (addz). amateur-astronaut.

Begin januari maak ik een nieuwe afspeellijst aan in mijn alsmaar uitdijende muziekverzameling binnen de collectie van ’s werelds grootste streamingdienst. Ik geef de lijst een titel die overeenkomt met het eerste lied dat ik erin plaats. Dit lied, deze titel, is belangrijk. Het vat mijn jaar vooraf samen, zo zal achteraf blijken. Het jaar dat met Lovestoned (Justin Timberlake) begon, bracht mij een ‘verliefdheid’, die me alles wat ik wat ik liefhad zou kosten. Dit jaar maakte ik op 2 januari een afspeellijst die begon met Ray LaMontagne’s Be here now.

Wie mij kent, bestempelt mij als een in het moment levende. Mijn stijlvolle agenda’s zijn jaar na jaar vooraf leeg en achteraf gevuld met flarden van gedichten en tandartsafspraken. Plannen is een noodzakelijk kwaad, waar ik mij met tegenzin toe zet. Toch voel ik mijzelf steeds verder afdrijven van in het moment zijn. Van hier nu zijn. Daarom past de boodschap van Ray’s dromerige, lange Be here now mij behoorlijk goed. Als geheugensteuntje.

Is het dan de tijd die drukt of het leven dat me voorbijvliegt, dat ik het moment lijk te missen? Soms denk ik dat, als mijn spiegelbeeld een vermoeid hoofd toont. Witte groeven onder waterige ogen, bonkende koppijn boven klagende nekspieren. Toch is dat niet wat mij dwarszit. Neen, het is een beschamender werkelijkheid. Een drang die mij aanzet tot het steeds willen en/of moeten delen van al wat ik meemaak. De drang die alles in eerste plaats tot content maakt.

Vanuit mijn huis op de vierde verdieping zag ik gisteren een mooie roze gekleurde horizon, een strookje schoonheid onder donkerblauwe wolken die dreigend nieuwe neerslag beloofden. Ik rende naar buiten, vier trappen af en twee steegjes door, naar het meer, om enkele korrelige foto’s te maken. Ik wilde mijzelf wel dwingen om te blijven kijken, de schoonheid in mij op te nemen, maar ik wilde ook boodschappen doen en terug naar de warmte.

’s Avonds zag ik een film, door velen als de beste van 2025 beschouwd. Ik vermaakte me, verveelde me, vormde een mening en bleef wat verward achter. Tijdens een wat mindere scène las ik in de krant de zin ‘Alles is in de eerste plaats content’. Het was een bijzin in een artikel over de foto’s van Maduro en hoe een TikTok-leger klaarstaat om de werkelijkheid te meme-ficeren (mijn woord). Ik selecteerde de zin, maakte een screenshot en wilde het op social media zetten. Als verwijt, als wijzende vinger; dit is wat we (jullie!) doen. We leven niet, we maken doelbewust een online dagboek vol mooie, grappige, stoere filmpjes, waar alle lelijke werkelijkheid uit verwijderd is.

Ik plaatste het screenshot niet, de ironie ervan haalde me bijtijds in. Vanmorgen in bed dacht ik erover na; wat maakte dat dit mij zo raakte en tot handelen aanzette. Meer nog dan een verwijt aan de wereld, is het een verwijt aan mijzelf. Bij elk gedicht en verhaal dat ik schrijf, vraag ik mij af; kan ik dit delen? Bij elk mooi lief of boek, vraag ik mij af; zal ik dit delen? Bij elke zonsondergang, nou dat dus..

Waarom ik dat wil? Als ambitieuze schrijver/dichter denk ik steeds dat sociale media een onmisbaar element van mijn zichtbaarheid moeten zijn. Ik wil gezien, gelezen en gehoord worden en internet heeft de potentie van een miljoenenpubliek. Die verleiding is haast onweerstaanbaar. Dat mijn werk amper gezien of gelezen wordt, blijf ik steeds op pijnlijke wijze ontdekken. Dus ga ik harder mijn best doen om gezien te worden. De kenners vertellen dat selfies en kijkjes in keukens gewaardeerd worden, dus ga ik mijzelf open en bloot geven in simplistische selfshots en laat ik zien wat mij inspireert.

Wat mooi aansluit bij een tweede reden tot zenden: mijn liefde voor schoonheid. Ik ben altijd een zendeling geweest. Mooie muziek, geweldige boeken, fijne kunst, maar ook bloeiende bloemetjes; ik verspreid ze vanuit mijn enthousiasme. Dit is zó bijzonder, dit moet je horen, zien, ervaren, ondergaan. Dat geldt ook voor de wereld als geheel. Half december liep ik ’s morgens een week lang naar mijn werk langs allemaal kale tuinen en ergens één fier bloeiende rode roos. Ik wilde haar op de foto zetten, delen met de wereld en er het liefst nog een pakkende, positieve boodschap aan vastlijmen. Ik deed het niet

, want zo wil ik niet zijn. Als ik de wereld wil overtuigen van mijn visie; dat het leven in het écht veel mooier is dan online, kijk op van je scherm en zie het bestaan voor je neus. Dan kan ik dat toch niet via datzelfde scherm doen? *

Daar komt nog bij dat het in mij allerlei vervelende automatismen aanzet. Het doet me naar buiten rennen om wazige foto’s van een roze zonsondergang te maken die in het écht duizendmaal mooier is, in plaats van er in stilte bij te genieten. Het doet me schermafbeeldingen maken van een pakkende zin in een krantenartikel tijdens het filmkijken. Tot mijn hoofd onbewust op dat punt komt, waar die ene zin uit dat artikel de vinger op de zere plek legde; alles is in de eerste plaats content.

Wil ik de wereld echt helpen loskomen van het gif dat sociale media heet, dan zal ik eerst mijzelf moeten redden. Ook zal mijn schrijversdoorbraak niet komen van een zonsondergang of citaat uit de krant. Het leven is geen content voor sociale media, het voelt bespottelijk dat ik mijzelf hieraan moet herinneren, maar het moet. Het leven is om te leven en misschien om over te schrijven. Waarvan akte.



* die rare witregel na “ik deed het niet” is een bewuste keuze
Geschreven op 02 Feb 2026


Powered by CuteNews


© 2007-2025 aaprijdtkever.nl